Sociale media

  • NL
Open the menu

Zuid-Sudan: overstromingen bedreigen vluchtelingen in kamp Jamam

Het vluchtelingenkamp Jamam in de deelstaat Boven-Nijl van Zuid-Sudan staat sinds donderdagnacht 28 juni na zware regenval voor het grootste deel onder water.

© Corinne Baker/AZG
© Corinne Baker/AZG

Het vluchtelingenkamp Jamam in de deelstaat Boven-Nijl van Zuid-Sudan staat sinds donderdagnacht 28 juni na zware regenval voor het grootste deel onder water. Eerder wees onderzoek van Artsen Zonder Grenzen al uit dat de groep vluchtelingen uit Sudan in het kamp zeer kwetsbaar is. De sterfte was twee weken geleden al bijna tweemaal zo hoog als de drempelwaarde voor een noodsituatie.

Artsen Zonder Grenzen roept alle betrokken hulporganisaties, onder leiding van de VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR, op om de situatie van de vluchtelingen te verbeteren. Als dat niet gebeurt, zal hun toestand verder verslechteren en het aantal sterfgevallen stijgen.

De latrines in Jamam zijn overstroomd, waardoor het stilstaande water in het kamp is vervuild. Veel kampbewoners, waaronder kinderen, slapen in natte kleren onder doorweekte dekens. Het gevaar van ernstige onderkoeling neemt toe.

In de week van 18 juni, voor de laatste regens, deed Artsen Zonder Grenzen een eerste onderzoek naar de gezondheidstoestand van de bevolking van Jamam, waar 35.000 van de in totaal 120.000 vluchtelingen in Boven-Nijl verblijven. Daaruit bleek dat de sterfte in het kamp toen al bijna tweemaal de drempelwaarde voor een noodsituatie had bereikt (de sterfte was 1,8 per 10.000 terwijl de drempelwaarde 1 per 10.000 is). Onder kinderen tot vijf jaar was de sterfte 2,8 per 10.000, terwijl de drempelwaarde 2 per 10.000 is. Deze cijfers kwamen neer op een sterfte van drie kinderen per dag in Jamam. 65% van de sterfgevallen was te wijten aan diarree. De regens brengen de hygiëne in het kamp nu verder in gevaar, waardoor ziekte zich nog makkelijker kan verspreiden.

In de afgelopen twee weken heeft Artsen Zonder Grenzen in Jamam ruim 2.500 mensen behandeld voor diarree, luchtweginfecties, malaria en ondervoeding. Nu de regens toenemen, worden steeds meer mensen ziek, vooral door malaria en ondervoeding. Jonge kinderen zijn het meest kwetsbaar.

Sinds eind vorig jaar zijn in totaal 120.000 vluchtelingen uit de Blauwe Nijlstaat in Sudan gevlucht, met verhalen over geweld en vervolging. Velen van hen waren al ziek bij aankomst. De regio waar ze, verspreid over drie kampen waaronder Jamam, zijn gehuisvest, is totaal ongeschikt om deze mensen op te vangen. In de zomer is het er kurkdroog en in de regentijd raakt de grond volkomen doorweekt en modderig. Verder is het in het gebied nagenoeg onmogelijk om naar drinkwater te boren. In de kampen ontbreekt het aan voldoende tenten en latrines en schiet de drinkwatervoorziening tekort.

‘De omstandigheden in Jamam zijn simpelweg onacceptabel’, zegt noodhulpcoördinator Tara Newell van Artsen Zonder Grenzen. ‘Alle betrokken hulporganisaties, onder leiding van de UNHCR, moeten tot een oplossing komen die de gezondheidsrisico’s in het kamp drastisch verminderen. Er moet met de grootst mogelijke spoed een oplossing worden gevonden.’

Artsen Zonder Grenzen biedt hulp in de deelstaat Boven-Nijl sinds november 2011, met veldhospitalen mobiele klinieken, therapeutische voedingscentra en vaccinatiecampagnes tegen mazelen. De teams van Artsen Zonder Grenzen verzorgen meer dan 6.000 consulten per week voor de vluchtelingen in Boven-Nijl. De organisatie verdeelt ook noodhulpgoederen als plastic zeil voor onderdak, dekens en jerrycans, verzorgt drinkwater en rehydratiepunten en volgt de ontwikkeling van het aantal ziekte- en sterfgevallen onder pas gearriveerde vluchtelingen.