Sociale media

  • NL
Open the menu

Zuid-Sudan: de strijd tegen de malaria-epidemie

Het aantal gevallen van malaria gaat dit jaar opnieuw in stijgende lijn. Tijdens de eerste drie maanden van het malariaseizoen hebben de teams van Artsen Zonder Grenzen (AZG) in het noordwesten van het land al evenveel patiënten met een ernstige vorm van malaria behandeld als vorig jaar. Het regenseizoen is dit jaar echter traag op gang gekomen. Zodra de regenbuien intenser worden, zou het aantal gevallen wel eens drastisch kunnen toenemen.

De kleine Achan, vijf jaar oud, ligt op haar zij omringd door haar familie. Voor de eerste keer sinds vijf dagen opent ze de ogen. Haar gezin zit al de hele tijd aan haar ziekbed sinds ze werd opgenomen op de AZG-afdeling pediatrie van het ziekenhuis van Aweil, een stad in het noordwesten van Zuid-Sudan. Malaria is in dit gebied endemisch.

Achan met haar familie © Jacob Kuehn/MSF
Achan met haar familie © Jacob Kuehn/MSF

De afdeling pediatrie zit altijd vol

Het ziekenhuis is het belangrijkste referentiepunt voor de meest ernstige gevallen in de staat Northern Bahr el Ghazal. Artsen Zonder Grenzen beschikt hier over meer dan 160 bedden voor ziekenhuisopnames, waaronder drie pediatrische afdelingen die nu al twee maanden overvol zitten. Achan werd in comateuze toestand binnengebracht in het ziekenhuis. Haar lijfje werd dooreengeschud door stuiptrekkingen en ze had heel hoge koorts. “We waren bang dat ze zou sterven,” zegt haar vader, die de vijf leden van zijn gezin rond het bed van Achan aanwijst. En zelfs vandaag zijn we niet zeker of ze de ziekte zal overleven. De koorts is gezakt, maar ze krijgt nog steeds stuiptrekkingen.

Patiënten die uit een cerebrale malaria (coma) ontwaken, lopen helaas vaak permanente schade aan de hersenen op,” aldus Dr. Cameron Bopp, medisch verantwoordelijke van Artsen Zonder Grenzen in Aweil. Wanneer Achan de ogen opent, lijken ze leeg te zijn. Ze kan niet eten of spreken.

Aan de andere kant van het ziekenhuis zit de driejarige Ajeth in de armen van haar moeder. Een Zuid-Sudanees personeelslid van de medische staf prikt haar in de vinger om te zien of ze bloedarmoede heeft. Ajeth werd drie dagen geleden in ernstige toestand in het ziekenhuis opgenomen. Ze had hoge koorts, leed aan bloedarmoede en had diarree. Het personeel van Artsen Zonder Grenzen heeft haar behandeld met een inspuitbare oplossing tegen malaria, legde een intraveneus infuus aan om haar lichaam te hydrateren en deed een bloedtransfusie tegen de bloedarmoede.

Het resultaat: Ajeth voelt zich al veel beter. De malaria is weg en het ijzergehalte in haar bloed is goed. Ze is klaar om naar huis terug te keren. Haar ouders hebben geen geld voor het openbaar vervoer, dus moeten ze de elf uur durende tocht te voet afleggen. We hebben hen energiekoekjes meegegeven zodat Ajeth tijdens de reis kan eten. “Vorig jaar liep mijn zoon malaria op en toen zijn we ook bij Artsen Zonder Grenzen te rade gegaan,” vertelt haar moeder. “In ons dorp woedt malaria heel hevig dit jaar, net zoals vorig jaar.”

Een bijzonder ernstige epidemie

Ajeths moeder heeft gelijk. In 2014 kreeg het westen van Zuid-Sudan te maken met een bijzonder zware malaria-epidemie. In sommige projecten van Artsen Zonder Grenzen lag het aantal patiënten drie keer hoger dan de voorgaande jaren.

Bijna 60 % van de opnames in ons project in Aweil betreft gevallen van malaria. De teams bereiden zich voor om in de komende maanden meer patiënten met malaria op te vangen en zetten extra middelen in. We hebben bijvoorbeeld een tent opgezet voor een twintigtal patiënten om de capaciteit van de ziekenhuisopnames te verhogen. De gevolgen van een nieuwe, omvangrijke malaria-epidemie zouden bijzonder ernstig kunnen zijn voor de regio.

Onvoldoende opvangcapaciteit en geneesmiddelen

Het enige andere ziekenhuis in Northern Bahr el Ghazal ligt op 1 uur rijden van ons project, over een onverharde weg langs sorghumvelden en uitgestrekte ondiepe watervlakten. Op deze zonnige ochtend zit de eenheid van 20 bedden van het ziekenhuis vol met patiënten, terwijl zich aan de deur al een lange rij vormt. Buiten hangen de infusen als vruchten aan de bomen. Een handvol patiënten die binnen geen bed konden bemachtigen, krijgen hun infuus onder de boom.

In de strijd tegen malaria heeft het ministerie van Volksgezondheid een speciaal team samengesteld dat de coördinatie moet verbeteren,” verklaarde Adbi Fatah Mohammed, directeur sensibilisering bij Artsen Zonder Grenzen. “Maar vooral capaciteit is een groot probleem en we lopen het risico op een gebrek aan geneesmiddelen later in het seizoen.”

Het valt moeilijk in te schatten of de huidige opflakkering van malaria in dit deel van het land op dezelfde lijn zal blijven met het hoge aantal gevallen in 2014, maar trends en statistieken zijn niet belangrijk voor de mensen die al aan de ziekte lijden. In de eenheid van Artsen Zonder Grenzen liggen tientallen jonge patiënten in metalen bedden, op matrassen van schuimplastic. Het is avond. Het is stil in de zaal. Het medisch personeel loopt heen en weer tussen twee rijen kinderen en houdt elk van hen in het oog. Achteraan in de zaal slaapt de kleine Achan met een transparante voedingssonde in de neus. Ze heeft net de laatste dosis van haar zevendaagse behandeling tegen malaria gekregen. Ze knippert met de ogen, maar heeft nog steeds niets gezegd. Haar familie zit nog steeds naast haar en brengt opnieuw de nacht door in het ziekenhuis. Ze wachten en hopen dat ze snel beter wordt.