Sociale media

  • NL
Open the menu

Vernieuwende strategie om mazelenepidemie te stoppen in Congo

Verpleegster Tessy Fautsch is met Artsen Zonder Grenzen op missie geweest naar Wamba, in het noorden van Congo, om mee te werken aan een vaccinatiecampagne tegen mazelen. De campagne maakt deel uit van een nieuw project om te vechten tegen de epidemie die het land al sinds 2010 teistert.

Tessy Fautsch © Christophe Hebting/MSF
Tessy Fautsch © Christophe Hebting/MSF

Het doel van het project is tweeledig. Enerzijds wil Artsen Zonder Grenzen de patiënten behandelen; anderzijds wil Artsen Zonder Grenzen het aantal vaccinaties verhogen. De epidemie komt immers steeds terug omdat er te weinig gevaccineerd wordt.

Om de ziekte tegen te houden, wil Artsen Zonder Grenzen nu een nieuwe manier van vaccineren ontwikkelen. De vaccinatiecampagne werd in de provincie Orientale op poten gezet. Dat is een van de gebieden die het zwaarst worden getroffen door de ziekte.

Geïsoleerde bevolkingsgroepen bereiken

“Zodra we merken dat een mazelenepidemie zich in een gebied verspreidt, moeten we zo veel mogelijk kinderen kunnen vaccineren, zelfs als dat gebied moeilijk bereikbaar is. Mensen gaan verzorgen waar ze wonen, is van cruciaal belang voor het succes van een vaccinatiecampagne en is soms een echte uitdaging,” vertelt Tessy Fautsch.  

“De provincie Orientale, in het noorden van Congo, is bijvoorbeeld erg moeilijk bereikbaar. Er zijn heel weinig wegen omdat het tropisch regenwoud zo dicht is. De wegen die er zijn, zijn in erg slechte staat omdat ze niet onderhouden worden. Zelfs buiten het regenseizoen duurde het twee dagen om 450 km af te leggen tussen Kisangani, de hoofdstad van de provincie Orientale, en Wamba. De terugweg ging zelfs nog moeizamer omdat de auto’s en vrachtwagens in de modder bleven steken.”

Soms duurt het een week voor sommige plaatsen bereikt worden. Tessy Fautsch: “In die afgelegen gebieden wordt er veel te weinig gevaccineerd, waardoor veel kinderen jonger dan vijf jaar sterven. Bovendien krijgen ook veel adolescenten en volwassenen met de ziekte af te rekenen. Daarom hebben we besloten om in Wamba alle kinderen van zes maanden tot vijftien jaar en ook een aantal volwassenen te vaccineren, om het risico op besmetting te beperken.”

“Door minstens 95 % van de doelgroep te vaccineren kunnen we de verspreiding van het virus en dus ook het risico voor niet-gevaccineerde mensen verkleinen. In Wamba vaccineerden we meer dan 50.000 kinderen, of 97 % van de doelgroep, waardoor de epidemie zich niet verder kon verspreiden. Nu wordt het project verplaatst naar het zuiden van de provincie Oost-Kasaï, om het hoofd te bieden aan een nieuwe opstoot van de epidemie.”

Nieuwe vaccinatiemethodes

Artsen Zonder Grenzen leidt het nieuwe project in de gebieden die het zwaarst door de epidemie getroffen worden en probeert daarvoor vernieuwende strategieën uit. Om het aantal sterfgevallen door mazelen te beperken, zette de organisatie een plan in twee fasen op.

“In eerste instantie concentreren we ons op de zwaarst getroffen gebieden. Eerst en vooral behandelen we de bekende gevallen door het hoofdziekenhuis en de gezondheidscentra in het gebied te helpen. Zo behandelden we in Wamba meer dan 860 patiënten met mazelen. Tegelijkertijd vaccineren we ook de bevolking in die epidemiehaarden om de overdracht ervan tegen te houden. Dat hele proces duurt 3 tot 4 dagen. In de landelijke gebieden kunnen we in 24 uur tijd 400 à 500 kinderen vaccineren,” legt Tessy Fautsch uit.

“In tweede instantie willen we dan het hele gebied dekken. Het is de bedoeling dat we spaarzaam omspringen met onze middelen en prioriteit geven aan de plaatsen waar gevallen van mazelen bekend zijn om de epidemie zo efficiënt en zo snel mogelijk tegen te houden. Op die manier passen we ons geleidelijk aan op basis van de beschikbare gegevens, zonder echter de bij de start bepaalde volgorde van de vaccinatie te veranderen, en om de verspreiding van de ziekte zo snel mogelijk tegen te gaan.”

Belang van koudeketen

Op technisch vlak is een van de uitdagingen van zo’n vaccinatiecampagne de koudeketen voor een goede bewaring van de vaccins. “We beschikken over een centrale koudeketen waar we de vaccins tussen 2 en 8° C kunnen bewaren. Tijdens de vaccinatiecampagnes in afgelegen gebieden hebben we ter plaatse geen elektriciteit nodig omdat de koelboxen vijf dagen koud genoeg blijven. We hebben dus geprobeerd om zo snel mogelijk en zonder koelkast te werk te gaan, om te tonen dat we ook in de meest afgelegen gebieden en met beperkte middelen vaccinatiecampagnes kunnen leiden. Door de koelboxen te gebruiken om de vaccins van de opslagplaats naar de vaccinatiesites te transporteren, kunnen we zelfs de meest afgelegen gebieden bereiken,” aldus Tessy Fautsch.

Het was vaak echter heel moeilijk om de koelboxen op hun bestemming te krijgen. “We moesten bijvoorbeeld een rivier oversteken zonder brug of veerpont. We moesten de auto's dus achterlaten en prauwen of motoren gebruiken, of soms urenlang stappen.”

Dankzij die aanpak kan Artsen Zonder Grenzen voor heel weinig geld het aantal sterfgevallen beperken. “We willen deze strategie toepassen om de efficiëntie ervan aan het ministerie van Volksgezondheid te bewijzen. Op termijn hopen we dat de regering ze ook zal toepassen.”

Sinds 2010 raakten in Congo meer dan 200.000 mensen besmet met mazelen en stierven meer dan 4.500 kinderen aan de gevolgen van de ziekte. Dankzij het werk van Artsen Zonder Grenzen en de goede samenwerking met de lokale gezondheidoverheden konden in de voorbije 2 jaar 4 miljoen mensen gevaccineerd worden.