Sociale media

  • NL
Open the menu

Syrië: Burgers ontvluchten massaal het gebombardeerde Al Safira

Al 130.000 mensen zijn het district Al Safira, in de provincie Aleppo, ontvlucht. Sinds 8 oktober wordt het district zwaar gebombardeerd. De humanitaire hulpverlening volstaat niet om aan alle behoeften van de ontheemde mensen te voldoen.

© MSF/AZG
© MSF/AZG

In de stad Al Safira alleen al vielen 76 doden door gevechten, bombardementen en luchtaanvallen. In het hele district vielen er op vijf dagen tijd dan weer 450 gewonden, die in medische structuren van Artsen Zonder Grenzen (AZG) werden opgevangen, en in het gewestelijk ziekenhuis heeft het team van AZG 34 gewonden uit Al Safiraverzorgd.

"Deze extreem gewelddadige aanvallen hebben de bevolking, die eerder al op de vlucht sloeg voor de oorlog, tot een nieuwe uittocht gedwongen," aldus Marie-Noëlle Rodrigue, directrice operaties bij AZG. Om en bij de 130.000 mensen, zo goed als alle burgers uit de stad Al Safira of de omliggende kampen waar AZG hulp bood, zijn naar het noorden gevlucht. "Die mensen komen terecht in gebieden waar al veel vluchtelingen worden opgevangen en waar de weinige humanitaire hulpverleners het hoofd moeten bieden aan torenhoge behoeften," voegt Marie-Noëlle Rodrigue nog toe.

Vóór de nieuwe stroom vluchtelingen aankwam, registreerden de vrijwilligers van de Rode Halve Maan in de stad Manbij bijvoorbeeld al 200.000 ontheemden. De opvangcapaciteit bereikt haar limiet. De nieuwkomers worden opeengepakt in openbare gebouwen of boerderijen in de buurt. In onafgewerkte gebouwen zonder deuren of ramen leven wel 10 gezinnen per appartement. Nog andere gezinnen werden ondergebracht in een haastig opgezet kamp op een oude parking, met slechts één latrine. De tweede oorlogswinter belooft een buitengewoon moeilijke beproeving te worden voor zij die niets konden meenemen op hun vlucht.

Bovendien krijgt de burgerbevolking die aan dat geweld wordt blootgesteld, maar heel moeilijk toegang tot medische verzorging. De medische structuren ten oosten van Aleppo worden immers ook geviseerd. Op 21 oktober werd een vat met TNT vanuit een helikopter op een veldhospitaal in de stad Blat gedropt. Sindsdien is het ziekenhuis onbruikbaar. Op 10 september werd het veldhospitaal van El Bab gebombardeerd. Bij de aanval kwamen 11 mensen om het leven en vielen er 5 gewonden.

"De Verenigde Naties en de landen die enige invloed kunnen uitoefenen op dit conflict, moeten voor de humanitaire hulpverlening dezelfde vastberadenheid aan de dag leggen als voor de strijd tegen de chemische wapens," vindt dokter Mego Terzian, voorzitter van AZG. "Het is van levensbelang dat er een einde komt aan de politieke en administratieve obstakels voor de verlening van hulp in de gebieden die niet door de regering gecontroleerd worden."

De teams van AZG doen dan wel hun uiterste best om hulp te bieden aan de gewonden en de ontheemde bevolking, maar het is ook broodnodig om andere hulpverleners in te zetten. De hulp die nu geboden wordt aan de bevolkingsgroepen die in buitengewoon hachelijke omstandigheden leven, is immers armzalig ten opzichte van de behoeften.

De teams van Artsen Zonder Grenzen bestaan uit internationaal en Syrisch personeel dat in zes ziekenhuizen en twee gezondheidscentra in het noorden van Syrië aan de slag is. Tussen juni 2012 en september 2013 hebben de teams van AZG 90.175 medische consultaties gegeven, 4.491 chirurgische ingrepen uitgevoerd en 1.426 bevallingen begeleid.

noodhulp syrië