Afghanistan: wanneer ondervoeding de behandeling van tuberculose bij kinderen bemoeilijkt
“Ze is al drie maanden ziek, met aanhoudende koorts en een hardnekkige hoest. In een medische winkel kocht ik injecties; vijf dagen leek het beter te gaan, maar daarna werd ze weer even ziek als voordien. Toen de chauffeur me hierheen bracht, barstte ik in tranen uit. Ze maakten een röntgenfoto en vertelden me dat ze tuberculose had,” zegt Nooria.
Haar dochtertje van acht maanden, Nomania, is opgenomen in het therapeutische voedingscentrum van Artsen Zonder Grenzen (AZG) in Kandahar, in het zuiden van Afghanistan, waar bij haar uiteindelijk tuberculose werd vastgesteld.
Ondervoeding maakt kinderen veel kwetsbaarder voor tuberculose (tbc). Als hun lichaam te weinig energie en voedingsstoffen krijgt, kan het zich minder goed verdedigen tegen bacteriën. Daardoor lopen ze meer risico om tuberculose op te lopen én dat die uitgroeit tot actieve tuberculose — de vorm waarbij de ziekte echt uitbreekt en klachten veroorzaakt. Maar het werkt ook andersom: wanneer een kind actieve tuberculose heeft, verliest het gewicht en verbruikt het extra energie om tegen de infectie te vechten. Zo duwen tuberculose en ondervoeding elkaar steeds verder de diepte in.
Afghanistan kampt zowel met veel tbc-gevallen als met ernstige kinderondervoeding. Vooral bij ondervoede kinderen is tbc moeilijk te herkennen. Ze vertonen vaak andere of minder duidelijke symptomen, en door schaamte of taboe zoeken families soms pas laat hulp. Daardoor krijgen veel kinderen de zorg die ze nodig hebben niet op tijd.
Bij kinderen ziet tuberculose er heel anders uit dan bij volwassenen, ze hoesten niet altijd en maken vaak geen slijm aan. In plaats daarvan merken we dat ze slecht groeien, veel braken of diarree hebben, of niet reageren op voedzame voeding. Omdat hun lichaam al verzwakt is, kan zelfs een kleine hoeveelheid tbc-bacteriën hen ernstig ziek maken. Maar precies die kleine hoeveelheid zorgt er vaak voor dat labotests negatief blijven. Daardoor is tbc bij ondervoede kinderen veel moeilijker te herkennen en te diagnosticeren.
In 2025 bleek zeker 10% van de ondervoede kinderen die in Kandahar door AZG behandeld werden, ook tbc te hebben — meer dan dubbel zoveel als in 2024. Dat betekent niet dat er plots meer tbc is: het toont aan hoe belangrijk systematische screening is bij opname.
Om dit probleem aan te pakken, werkt AZG in Kandahar met een geïntegreerde aanpak: elk kind wordt systematisch gescreend, op tijd doorverwezen en tegelijk ondersteund met voeding en tbc-zorg.
Bij opname onderzoekt het team het kind grondig, bekijkt het de medische voorgeschiedenis en gaat het na of er binnen het gezin mogelijke besmettingsbronnen zijn. Daarna volgt een klinisch onderzoek en, indien nodig, een röntgenfoto om de diagnose te bevestigen. De kinderen krijgen meteen voedingsondersteuning en starten hun tbc-behandeling al tijdens hun verblijf. Zodra de behandeling tegen ondervoeding afgerond is, worden ze doorverwezen naar het provinciale tuberculosecentrum voor verdere opvolging.
AZG behandelt sinds 2016 patiënten met medicijnresistente tuberculose in de provincie Kandahar. De organisatie runt een gespecialiseerd ziekenhuis met een labo, een polikliniek en 24 bedden voor opname. Daarnaast beheert AZG een therapeutisch voedingscentrum met 45 bedden en een ambulante voedingspost voor kinderen jonger dan vijf jaar. Door die geïntegreerde aanpak kunnen ondervoede kinderen sneller worden gescreend en behandeld. Ook ondersteunt AZG het nationale tbc-programma bij het opsporen en doorverwijzen van patiënten met medicijnresistente tbc.