Sociale media

  • NL
Open the menu

Noem me geen held


“Met grote regelmaat krijg ik van mensen te horen dat ze mij (en mijn internationale collega's) ‘een held’ vinden. Dat is uiteraard heel lief bedoeld, maar om eerlijk te zijn: ik weet me nooit zo goed raad met dit soort complimenten. Ik voel me geen held en ik weet van een aantal van mijn ook buitenlandse collega's dat zij er precies zo over denken.”


Noem me gedreven, gepassioneerd of betrokken, maar noem me asjeblieft geen held”

 

 

 

 

Mijn standaardreactie is dus altijd: ‘Dank je, maar ik doe gewoon mijn werk.’ Dat klinkt misschien wat bot, maar zo zie ik het nu eenmaal: Ik kies er zelf voor om bij Artsen zonder Grenzen te werken. Ik kies er zelf voor om in een ebolamissie te werken.

De reden dat ik hiervoor kies is simpel: ik heb (zoals iedereen op de wereld) mijn geboorteplaats niet zelf uitgekozen. Ik ben geboren in Nederland. In vrede opgegroeid in een land waar voldoende voedsel is en goede toegang tot gezondheidszorg en onderwijs. Kortom, ik ben een geluksvogel. En daarmee een uitzondering.

Want zo heel veel meer mensen hebben geen toegang tot gezondheidszorg en onderwijs. Zo heel veel meer mensen kunnen nauwelijks aan voedsel komen om zichzelf en hun kinderen in leven te houden. Zo heel veel meer mensen weten niet eens wat vrede is. En nu, tijdens de ebola-uitbraak, zijn er zoveel mensen die niet de zorg krijgen die ze nodig hebben.

Zij zijn mens, zoals jij en ik. Niet meer, niet minder. Ze hebben alleen een beetje hulp nodig, zoals jij en ik ook weleens hulp nodig hebben. Ik ben verpleegkundige. Ik ben in de gelegenheid om deze mensen een klein beetje te helpen. Ik ben hier, omdat als ik thuis zou blijven, ik mezelf niet meer onder ogen kan komen. Hoe kan ik thuis blijven als er zoveel mensen zijn die hulp nodig hebben, hulp die ik kan bieden? Noem me gedreven, gepassioneerd of betrokken, maar noem me asjeblieft geen held. Ik doe gewoon m'n werk.

 

Echte helden

Zijn er eigenlijk wel helden in deze ebola-uitbraak? En zo ja, wie zijn ze dan en waar zijn ze?

Zijn er eigenlijk wel helden in deze ebola-uitbraak? En zo ja, wie zijn ze dan en waar zijn ze?

Ik kan jullie vertellen: er zijn veel helden! Jullie hebben echter nog nooit van ze gehoord. Hun gezicht ken je niet van tv of de krant. Hun stem wordt niet gehoord. Naar hun kennis en ervaring wordt niet gevraagd. Wat mij betreft zijn de ruim 250 lokale mensen die hier in Bo voor Artsen zonder Grenzen werken, de echte helden. Ze werken als schoonmaker of kok, als klusjesman of verpleegkundige. En niet voor een paar weken (zoals de internationale hulpverleners), maar voor maanden en maanden, zolang als de uitbraak duurt.

Wat maakt hen een held? Dat kan ik alleen duidelijk maken door wat kleine voorbeelden. Schoonmaker, 18 jaar: uit huis gezet door zijn ouders omdat hij in de ebola kliniek werkt. Kokkin, 45 jaar: kan met moeite boodschappen doen op de markt. Verkopers durven haar geld niet aan te nemen omdat ze in de ebolakliniek werkt. Verpleegkundige, 32 jaar: zijn huisbaas dreigt hem en z'n gezin (2 kleine kinderen) uit huis te zetten omdat hij in de ebolakliniek werkt.

Paniek

Iedereen die hier voor en met ons werkt heeft dit soort verhalen: familie en vrienden komen niet meer op bezoek, buren blijven op afstand, ze worden niet meer uitgenodigd. Omdat ze in de ebolakliniek werken. Dat is uiteraard heel onrechtvaardig en onterecht, maar we weten inmiddels ook in ‘het westen’ wat paniek kan doen met een maatschappij.

Als ik aan één van mijn lokale verpleegkundigen vraag waarom ze dan toch elke dag weer op haar werk verschijnt, is dit haar antwoord:

‘Ik ben moeder van 3 kinderen. Hun vader heeft ons verlaten. Ik ben het enige voorbeeld dat ze hebben. Welk voorbeeld ben ik voor mijn kinderen als ik mijn verantwoordelijkheid niet neem? Welk voorbeeld ben ik voor mijn kinderen als ik niet meevecht in de strijd tegen ebola?’

 Daarmee is de vraag of er helden zijn wel beantwoord.

 

© Natasha Lewer/AZG