Aanvallen op de gezondheidszorg: zorgverleners verdienen meer dan loze woorden

Reading time: minutes
 

Op 3 mei 2016 nam de VN Veiligheidsraad unaniem Resolutie 2286 aan. Meer dan 80 lidstaten verbonden zich er toen toe om medisch en medisch-humanitair personeel, infrastructuur, transportmiddelen en apparatuur te beschermen. Vandaag stelt Artsen Zonder Grenzen (AZG) echter een flagrante minachting vast voor de bescherming van de medische missie. AZG roept staten op om hun toezegging effectief na te komen en medische zorg te beschermen.

Alleen al in 2025 meldde het Surveillance System for Attacks on Health Care (SSA) van de Wereldgezondheidsorganisatie in totaal 1.348 aanvallen op medische voorzieningen, met de dood van 1.981 mensen tot gevolg. In de voorbije 10 jaar zijn 21 AZG-medewerkers omgekomen bij 15 incidenten terwijl zij hun taken uitvoerden.

“Wat ooit als uitzonderlijk werd beschouwd, is nu gemeengoed geworden”, aldus dr. Javid Abdelmoneim, internationaal voorzitter van Artsen Zonder Grenzen. “We zien een flagrante minachting voor de bescherming van de medische missie in landen die in oorlog zijn. Staten die zich in 2016 hebben verbonden tot het beschermen van medische zorg, moeten ophouden zich te verschuilen achter excuses en beschuldigingen, en in actie komen.”

The whiteboard shows that the hospital staff was active untill the very last minute

De afgelopen tien jaar zagen we onder meer luchtaanvallen op ziekenhuizen in Syrië en Jemen, beschietingen van ziekenhuizen in Oekraïne en de bezette Palestijnse gebieden, drone-aanvallen op een ziekenhuis in Myanmar en aanvallen op duidelijk gemarkeerde ambulances in Kameroen, Haïti en Libanon. De reactie van de verantwoordelijke staten was vaak ontkenning, het claimen van een vergissing of beschuldigingen van verlies van bescherming zonder bewijs. Gezondheidswerkers worden ook steeds vaker als verdachten behandeld in plaats van beschermd.

Acute én chronische gevolgen

Het directe gevolg van aanvallen is letsel en verlies van mensenlevens. Op de langere termijn is het gevolg dat gemeenschappen vaak verstoken blijven van levensreddende zorg, omdat de gezondheidsinfrastructuur niet wordt hersteld of humanitaire organisaties hun activiteiten opschorten vanwege veiligheidsoverwegingen.

AZG-teams zijn actief in meer dan 70 landen over de hele wereld, waaronder in de bezette Palestijnse gebieden, Libanon, Oekraïne, Soedan en Myanmar en andere conflict- en oorlogsgebieden. 

Lankien, South-Sudan

In 2025 voerden AZG-teams in Soedan bijna 850.000 poliklinische consulten uit, namen iets minder dan 95.600 mensen op in het ziekenhuis en begeleidden bijna 29.000 bevallingen. In Gaza voerden teams in dezelfde periode 913.000 poliklinische consulten uit, namen iets minder dan 54.000 mensen op en hielden 89.800 sessies voor geestelijke gezondheidszorg. In Oekraïne hebben ambulances van Artsen Zonder Grenzen in 2025 10.700 patiënten doorverwezen, van wie 60 procent oorlogsgerelateerde verwondingen had, en hebben teams via mobiele klinieken 45.300 poliklinische consulten verzorgd en 9.750 fysiotherapiesessies uitgevoerd. Wanneer de gezondheidszorginfrastructuur beschadigd of vernietigd is, en als mensen te bang zijn om hun huis te verlaten om medische zorg te zoeken, zijn het de gemeenschappen die lijden.

“Medische zorg in conflictsituaties wordt ernstig bedreigd, aangezien aanvallen op gezondheidswerkers en functionerende gezondheidsinfrastructuur de afgelopen tien jaar in bijna elk conflict zijn waargenomen. Artsen Zonder Grenzen eist dat staten hun verplichtingen en toezeggingen uit hoofde van Resolutie 2286 nakomen voor betere bescherming en verantwoordingsplicht. De bescherming die ons en onze patiënten krachtens het internationaal humanitair recht wordt geboden, moet worden ingevuld met daden, niet alleen met woorden.”