Sociale media

  • NL
Open the menu

Situatie gevangen bevolking wordt wanhopig

Naar schatting 200.000 mensen zitten in wanhopige omstandigheden nog steeds vast in het in het noordelijke conflictgebied van Sri Lanka. Gewonden vertellen over aanhoudende bombardementen.

Overal vallen doden en gewonden. Er is niet genoeg water en voedsel, er is een groot gebrek aan medicijnen en vluchten is nauwelijks mogelijk. Een aantal weken geleden slaagde een groot aantal inwoners voor het eerst in maanden te vluchten uit de Vanni, een gebied in het noorden van Sri Lanka. Inmiddels hebben naar schatting 35.000 mensen de stad Vavuniya kunnen bereiken. Ze zijn moe, hongerig, bang en weten niet hoe het met achtergebleven familieleden is. Velen zijn gewond. Ze hebben ontstoken wonden die weken oud zijn. Daardoor zijn veel mensen voor het leven verminkt.

Kogelwonden en granaatscherven
In Vavuniya staat Artsen Zonder Grenzen de medische staf van het ziekenhuis 24 uur per dag bij. 90 procent van de verwondingen zijn een direct gevolg van de gevechten. Patiënten worden binnengebracht met kogelwonden en verwondingen door granaatscherven. In de afgelopen twee weken hebben teams van Artsen Zonder Grenzen meer dan 300 operaties uitgevoerd op mensen die gewond waren geraakt door de gevechten. De organisatie gelooft dat dit nog maar het topje van de ijsberg is. Nog 2.000 andere zieken en gewonden zijn vanuit de Vanni naar de stad Trincomalee overgebracht met een schip van het Internationale Rode Kruis. Hoewel de ziekenhuizen in Trincomalee en omgeving de toevloed van gewonden eerst aankonden, is een aantal nu overbelast en raken medicijnen en medische materialen op. Artsen Zonder Grenzen heeft een aantal ziekenhuizen bezocht en overlegt met de medische autoriteiten over de hulp die de ziekenhuizen nodig hebben.
Getuigenissen enige bron van informatie
De verhalen die de patiënten aan teams van Artsen Zonder Grenzen vertellen maken pijnlijk duidelijk hoe wanhopig de situatie in de Vanni is. Daar zitten mensen al weken gevangen in zware gevechten, schuilend in zelfgegraven bunkers. Omdat geen enkele organisatie toegang heeft tot het gebied, kunnen we alleen een beeld geven van wat er gaande is via de verhalen van de patiënten zelf. Een vrouw van 53 vertelde dat haar familie dagenlang in een bunker zat zonder eten of drinken. Ondanks de bombardementen verlieten ze uit wanhoop hun bunker op zoek naar voedsel. 3 van de 15 familieleden werden door een bombardement op slag gedood. Haar dochter raakte ernstig gewond door granaatscherven en ligt nu in het ziekenhuis in Vavuniya. Een aantal familieleden moest achterblijven in de Vanni. Of ze nog in leven zijn, weet de  vrouw niet. Veel mensen vertellen een vergelijkbare verhalen.
Geen toegang tot conflictgebied
Slechts minderheid van de mensen die in de Vanni gevangen zitten, zijn er in geslaagd naar veiliger gebied te vluchten. Door de voortdurende gevechten kunnen de mensen niet uit de Vanni weg, en blijven ze noodgedwongen gevangen tussen de strijdende partijen. De teams van Artsen Zonder Grenzen kunnen op dit moment niet de Vanni in om de hoogdringende medische hulp te bieden. Samen met andere internationale organisaties werd de toegang tot de Vanni in september 2008 ontzegd. Gezien het hevige geweld dat grote groepen mensen gevangen houdt, is dat onaanvaardbaar.