Sociale media

  • NL
Open the menu

Nog steeds duizenden kinderen ten prooi aan acute ondervoeding

Ondanks de grote media-aandacht afgelopen zomer en de aangekondigde mobilisering van internationale hulp, blijft de crisis in Niger voortduren. Een verslag vanuit de regio Zinder, waar het aantal kinderen dat aan zware ondervoeding lijdt niet afneemt en waar het gratis verdeelde voedsel verre van voldoende is voor de zwaarst getroffen families.

Het is marktdag in Magaria, een stad in Zinder dicht bij de Nigeriaanse grens, en elke week komen duizenden mensen hier naartoe. Het is begin september en de stad loopt vol met vrachtwagens vol levensmiddelen. De kramen staan dicht tegen elkaar aangepakt: stapels gierst, sorghum en rijst, olie, suiker, uien, bonen, pompoenen … Een beetje verder worden stukken geit en schaap gegrild. Overal hoor je discussies en levendige onderhandelingen.

Een opvallend contrast
Een eenvoudige muur scheidt de markt van het gezondheidscentrum van de stad. Hier komt AZG eenmaal per week langs om de zwaar ondervoede kinderen gratis te behandelen. Honderden vrouwen staan in groepjes voor het centrum. Wanneer iemand van AZG passeert, haasten ze zich om hem hun apathische, broodmagere kind aan te reiken in de hoop dat hun kind als eerste zal worden behandeld, dat het zal worden gered. Dit gedrang doet je duizelen: hoe kunnen deze kinderen in een dergelijke staat verkeren, als op amper 10 meter afstand de markt in volle gang is?

In het gezondheidscentrum zijn de artsen van AZG geschokt: het eerste kind dat ze vanmorgen zien, kwam te laat aan, en ze hebben het niet meer kunnen reanimeren. Deze kinderen zijn niet enkel het slachtoffer van zware ondervoeding. Ze lijden eveneens aan tal van ziektes die hen nog zwakker maken: diarree, infecties van de ademhalingswegen, malaria,… Het team loopt de rij wachtenden af om de dringende gevallen te identificeren. Elk uur vertrekt een ziekenwagen van AZG richting Zinder, om de ernstigste gevallen die intensieve verzorging nodig hebben, over te brengen.

Nog steeds niet voldoende hulp
Een ander deel van het team houdt zich bezig met 300 kinderen die al werden geregistreerd en die eenmaal per week op consult komen. Baraka hoorde over AZG spreken toen ze naar de markt in Magaria kwam. Vorige week bracht ze Abdou, haar ernstig ondervoede zoon van negen maanden, naar het gezondheidscentrum. Ze is gelukkig want hij begint al bij te komen. Na de consultatie krijgt Baraka een wekelijkse dosis PlumpyNut – therapeutische voeding – voor Abdou en een voorraad voedsel voor een week voor de rest van de familie. Ze moet nog drie uur stappen voor ze thuis is. Haar dorp wordt omringd door gierstvelden en toch is Abdou niet het enige kind dat zwaar ondervoed is. Zelfs nu de komende oogst goed lijkt te zullen zijn, vreest Baraka dat ze er niet van zal kunnen profiteren. Om haar familie tijdens de overgangsperiode te kunnen voeden, is ze schulden aangegaan bij een giersthandelaar in Zinder. De enige voedselhulp die ze heeft ontvangen – twee zakken rijst voor het hele dorp, of een half glas per persoon – was maar pover. En Bakara heeft haar vier kinderen die aan malaria lijden zelfs niet kunnen verzorgen door schulden te maken. In Niger zijn consulten en medicijnen namelijk niet gratis.

Geen verzorging, geen voedsel, schulden, een quasi onbestaande voedselhulp: dat is het lot van talrijke families in de regio’s Maradi en Zinder. Ondanks de sinds einde juli aangekondigde internationale voedselhulp voor Niger, hebben de families die deze het meest nodig hebben in september nog niets ontvangen en blijven de kinderen van honger sterven.