Geweld in het oosten van Liberia jaagt duizenden op de vlucht, waaronder ook AZG-teams

De voorbije dagen joegen conflicten in het district Grand Gedeh in het oosten van Liberia, nabij de grens met Ivoorkust, duizenden burgers op de vlucht. Ook AZG-teams zagen zich genoodzaakt de zone te verlaten.

"Sinds januari waren onze teams aan het werk in Toe Town en de omliggende dorpen", aldus Kostas Moschoschoritis, operationeel coördinator voor West-Afrika in Brussel. "Tienduizenden vluchtelingen en terugkeerders stroomden het land binnen, op de vlucht voor de gevechten in buurland Ivoorkust. In Toe Town verschaften we medische consultaties, water en sanering in het transitkamp, terwijl onze mobiele klinieken de omliggende dorpen aandeden waar de meeste vluchtelingen een tijdelijk onderkomen hadden gevonden."

Vluchten
Door de gebeurtenissen van het voorbije weekend, werden zowel de lokale bevolking als de vluchtelingen in alle richtingen verspreid. Sommige vluchtelingen - een mix van mensen uit landen als Burkina Faso, Mali, Senegal, Benin, Ivoorkust - evenals Liberiaanse terugkeerders vonden een onderkomen in omliggende dorpen, maar vele anderen verscholen zich in de bush. Zij zijn omwille van de onveiligheid voorlopig onbereikbaar. "Onze teams moesten noodgedwongen de zone verlaten omdat het te gevaarlijk werd ter plaatse te blijven. We zijn nu zeer bezorgd over de situatie van de mensen in de regio, zowel de lokale bevolking als de vluchtelingen. Duizenden onschuldige mensen zitten vast in een uitermate gewelddadige en onvoorspelbare situatie, afgesneden van elke vorm van medische bijstand", gaat Kostas Moschoschoritis verder. Sinds weken dringt AZG er bij de Vluchtelingenorganisatie van de VN (UNHCR) op aan om het transitkamp verder van de grens te verplaatsen en een permanent kamp te organiseren waar bijstand, veiligheid en bescherming voor de vluchtelingen worden gewaarborgd. "Zolang ze worden gedwongen om in de transitkampen te blijven vlakbij de grens en de onrustige gebieden, zijn ze te kwetsbaar. De recente gebeurtenissen hebben dat helaas bewezen", besluit Kostas Moschoschoritis.