Sociale media

  • NL
Open the menu

Filipijnen: Uitdagingen om hulp te verlenen blijven groot

Bijna tien dagen na de doortocht van de tyfoon Haiyan op de Filipijnen, bereikt de hulp wel de luchthavens, zeehavens en steden, maar de landelijke gebieden blijven nog steeds verstoken van hulp, zegt Caroline Seguin van Artsen Zonder Grenzen. Ze beschrijft de grote logistieke uitdagingen om hulp te krijgen waar die het meest nodig is.

Caroline Seguin. © Nicola Vigilanti
Caroline Seguin. © Nicola Vigilanti

“Sinds de tyfoon door de Filipijnen raasde zijn we erin geslaagd 150 medewerkers en honderden tonnen material ter plaatse te krijgen. Nu behandelen we honderden patiënten per dag, maar het blijft een logistieke nachtmerrie om de essentiële goederen in de getroffen gebieden te krijgen.”

Hevige regen en geblokkeerde wegen

“Eerst waren het slechte weer met regen en hevige wind en de wegen die geblokkeerd waren door  afval de grote spelbrekers. Daarna hadden we moeilijkheden om personeel en voorraad ter plaatse te krijgen, omdat het Filipijnse leger voorrang om luchthavens en steden zoals Tacloban te beveiligen en gewonden te evacueren uit de rampgebieden. Toen de commerciële en privévluchten opnieuw mogelijk waren, werden de luchthavens meteen overstelpt met de toevloed van hulpgoederen. We hebben gekeken of het mogelijk was om de hulp per boot te leveren, maar dat was te traag, met soms 30 of 40 uur reistijd.”

Luchthavens verstopt

“De logistieke capaciteit van de kleine luchthavens die getroffen waren door de tyfoon, was gewoon niet voldoende om zoveel verkeer kunnen slikken. Ze hebben ook niet de infrastructuur om de massale ladingen noodhulp die nodig zijn te lossen en op te slaan. Er zijn immers niet alleen vliegtuigen en mensen die toekomen, maar ook vliegtuigen die mensen moeten evacueren uit de rampgebieden.”

“In de gebieden waar wij aan de slag zijn, zijn de zwaarst gewonden de voorbije week al geëvacueerd. Maar er zijn ook veel niet-gewonden vertrokken. Maar het gaat vaak om mensen die het zich kunnen veroorloven, en de achterblijvers zijn de kwetsbaarsten.”

Brandstoftekort

“Er is een groot gebrek aan brandstof. In Guiuan, een stad in het oosten van Samar, is er geen brandstof. We leenden er lokaal een wagen, maar we hebben niet genoeg brandstof om de stad uit te rijden. We sturen dus een extra wagen naar Guiuan, en een boot met jerrycans vol brandstof. Eenmaal er brandstof is, zullen we ook de meer geïsoleerde gebieden langs de zuidelijke en oostelijke kust van Samar kunnen bereiken. Daar werd tot nog toe door niemand hulp geboden.”

Lokale vrijwilligers leveren ongelooflijk werk

“De Filipijnse bevolking - lokale mensen, maar ook Filipijnen uit andere delen van het land - doen het grootste deel van de hulpverlening. Het werk dat vrijwilligers verzetten, is enorm. Ik heb mensen gezien die voedsel uitdelen, chauffeurs, mensen die gebouwen, auto's boten ter beschikking stelden - allemaal gratis. De mensen willen onze hulpverlening ook steunen, en hulpverlening in het algemeen. In Palo mochten we de wagen van de gouverneur gebruiken, en ook de brandstof kregen we, en de lokale dienst voor Volksgezondheid heeft ons geholpen met uitrusting. Een duikbedrijf heeft ons een boot geleend om onze voorraden van Cebu naar Guiuan over te brengen.”

Schuilen in scholen en stadions

“De situatie in Tacloban is dramatisch. Verschillende ziekenhuizen voeren operaties en keizersneden uit zonder sterilisatie. Er is een tekort aan medicijnen, waaronder antibiotica. Er zijn steeds meer mensen met geïnfecteerde verwondingen. Bij een gezondheidspost in Palo, ten zuiden van Tacloban, gaat het zelfs in 70% van de gevallen om infecties.

Vanwege de slechte hygiënische omstandigheden en het gebrek aan schoon drinkwater, krijgen ook steeds meer mensen diarree. Veel mensen leven dicht op elkaar in scholen en stadions.”

Nauwelijks hulp in afgelegen gebieden

“De hulp is nu vooral gericht op Tacloban. Maar op plekken die daar slechts een paar kilometers vandaan liggen, zoals Palo, Tanauan en Tolosa, is nog bijna geen hulp. In Tolosa is één gezondheidspost voor 55.000 mensen. In Talawan is het nog erger – daar is helemaal niets. De burgemeester van die plaats is op zoek naar een plek om 5.800 ontheemde families te kunnen opvangen.

Deze mensen hebben geen onderdak, water of voedsel. En hoe meer je de afgelegen gebieden in gaat, hoe minder hulp er is. Veel mensen hebben geen andere keuze dan in de buitenlucht te slapen terwijl het nog steeds elke dag keihard regent.”

Voedsel- en watertekorten

“In veel gebieden blijven mensen vragen om voedsel en schoon water. Om gezondheidsproblemen te voorkomen in dit soort noodsituaties, hebben mensen 20 liter schoon water per dag nodig, om te drinken en om mee te wassen en koken. Eén klein plastic flesje water per dag is niet genoeg.

Het regent ook nog veel en mensen hebben beschutting nodig. We zullen tenten uitdelen, maar dat lukt pas later deze week, vanwege het gebrek aan brandstof om de goederen te transporteren. Ook zullen we andere hulpgoederen uitdelen, zoals hygiënekits en kookgerei.”

Medische noden enorm

“Veel ziekenhuizen en klinieken zijn verwoest of ernstig beschadigd. De medische noden zijn dan ook enorm, vooral omdat de erbarmelijke leefomstandigheden het risico op luchtweginfecties, longontsteking en watergerelateerde ziekten vergroten. In veel plaatsen waar we nu werken, proberen we de zorg te herstellen.
Zo werken we in Guiuan in een tenthospitaal, dat is opgebouwd bij het zwaar beschadigde ziekenhuis. In Tacloban zullen we een opblaasbaar veldhospitaal opzetten. Daar kunnen we onder meer operaties uitvoeren. Momenteel hebben vrouwen met complicaties bij hun zwangerschap geen plek om veilig te bevallen of een keizersnede te laten doen. Daarom zullen we er ook moeder-en-kindzorg geven. Daarnaast is psychosociale zorg erg belangrijk in een apocalyptische situatie als deze, sommige zijn mensen alles kwijtgeraakt.”