Sociale media

  • NL
Open the menu

De strijd voor verzorging in Katanga, DRC

Een driejarig meisje, dat aan vergevorderde hersenmalaria leed, stierf even na 10 uur ’s morgens. Ze had een uur lang liggen stuiptrekken. Zolang het medische team wanhopig probeerde het kind in leven te houden, keek haar moeder in stilte toe. Maar nu viel ze voorover, lag dubbelgevouwen op het metalen bedframe, en begon hysterisch te huilen met haar hoofd in de matras. “In Europa zou het meisje waarschijnlijk in leven zijn gebleven. Hier niet”, zegt Claire, dokter voor AZG.

‘Hier’ is Kilwa, in de provincie Katanga in het zuidoosten van de Democratische Republiek Congo (DRC). In tegenstelling tot vele andere streken in de DRC, beschikt de gezondheidszone van Kilwa wél over een ziekenhuis én over 10 gezondheidscentra. AZG werkt in deze medische faciliteiten samen met het Congolese ministerie van Volksgezondheid. Het ministerie zorgt voor het personeel, de structuren en de lonen, terwijl AZG instaat voor de expertise, de bevoorrading in medicijnen en materiaal en het betalen van prestatiegerichte bonussen aan het personeel. Dat is alleszins de theorie. In de praktijk echter mag het personeel van geluk spreken als ze jaarlijks méér dan een maandloon van het ministerie van Volksgezondheid ontvangen. Veel van het beschikbare geld verdwijnt nog voor het op het basisniveau belandt. Hierdoor is het personeel nauwelijks gemotiveerd om hard te werken, hoewel ze toch naar het werk blijven komen, in de ijdele hoop dat ze op een dag zullen ontvangen wat hen toekom

Medicijnen uit 1907
Er is ook erg veel werk aan de winkel op het vlak van hygiëne. Toen Béatrice, een AZG-verpleegster in het ziekenhuis van Kilwa begon te werken, waren de hygiënische normen afschuwelijk slecht. “Elementaire zaken, zoals de sterilisatie van het materiaal, werden niet correct uitgevoerd. Er was zelfs niet eens een sterilisatiekamer. De kamer die we nu gebruiken, leek wel een smerige zolder”, vertelt Béatrice. Vier maanden later lijkt het ziekenhuis, dat ook over een kraamafdeling en een kinderafdeling beschikt, en dat operaties kan uitvoeren, weer min of meer normaal te functioneren – al dient er nog veel te gebeuren. Systemen die in Europa vanzelfsprekend zijn, waren niet aanwezig in het ziekenhuis. “De apotheek, bijvoorbeeld, werd niet beheerd”, aldus Béatrice. “Niemand wist welke medicijnen er aanwezig waren, en welke niet. Voor de aankomst van AZG waren er zelfs nog medicijnen in voorraad die in 1907 – bijna een eeuw geleden dus – waren vervallen.” Een bijkomend probleem voor het team van AZG is dat patiënten vaak pas naar het ziekenhuis komen om te worden behandeld als het al te laat is. Dit kan gedeeltelijk worden verklaard door de slechte staat van de transportinfrastructuur in de gezondheidszone. Als je al kan spreken van een ‘transportinfrastructuur’: de hoofdweg die door het district kronkelt, is niet meer dan een modderspoor vol gaten en oneffenheden. De eerste drie maanden van het jaar is de weg onbegaanbaar, en de rest van het jaar heb je een stevig voertuig nodig. Voor het overgrote deel van de bevolking, die zich alleen per fiets of te voet kan verplaatsen, is het ondernemen van de reis in zieke toestand geen kleinigheid. Maar de 1.500 consultaties die het ziekenhuis maandelijks uitvoert, bewijzen dat de mensen toch komen. Velen brengen familieleden mee, die maanden aan een stuk op het terrein van het ziekenhuis verblijven. Ze geven de zieken voedsel en de nodige steun, en vormen een kleurrijk en lawaaierig geheel. Een andere oorzaak voor de late behandeling, is dat “de mensen het ziekenhuis als een laatste toevluchtsoord lijken te beschouwen”, zegt Claire. Dit blijkt het gevolg te zijn van een jarenlange verwaarlozing van de gezondheidsfaciliteiten, in combinatie met het vaste vertrouwen van de lokale bevolking in de traditionele geneeskunde. “Hoewel sommige vormen van traditionele geneeskunde effectief kunnen zijn, zien we in het ziekenhuis soms kinderen die traditionele “reinigingsdrankjes”, gemaakt van kruiden etc., kregen toegediend. In plaats van hen te genezen, kunnen deze behandelingen de patiënten vergiftigen”, gaat ze verder. Elke avond weerklinkt in het dorp ritmisch tromgeroffel om aan te geven dat iemand is gestorven. Het is een luidruchtige herinnering aan al het werk dat AZG nog staat te wachten in Kilwa.