Sociale media

  • NL
Open the menu

AZG levert bijstand aan uit Angola verdreven Congolese diamantmijnwerkers

Na een verkenningsmissie door verschillende hulporganisaties heeft AZG een noodteam naar de gezondheidszone van Tembo in de provincie Bandundu gestuurd, in het zuidwesten van de Democratische Republiek Congo (DRC). Het team biedt er hulp aan Congolese 'garimpeiros' - illegale diamantmijnwerkers - die daar gestrand zijn nadat ze Angola uitgewezen werden. Het medisch team heeft geneesmiddelen geleverd aan het doorverwijsziekenhuis in de stad Tembo en aan drie gezondheidsposten aan de grenspunten van Kanhungula, Mangangi en Mawangu. Een AZG-arts geeft curatieve consulten in het ziekenhuis.

Op dit ogenblik bereidt het noodteam bijkomende logistieke en medische ondersteuning voor aan de posten waar de meeste vluchtelingen de grens oversteken, om de kwaliteit en de capaciteit van de medische zorg te verhogen. AZG wil ter plaatse aanwezig zijn om een betrouwbare medische doorlichting te verzekeren, gegevens te verzamelen en de teruggekeerde vluchtelingen in het gebied te verzorgen, vóór ze dieper het binnenland in trekken (vooral dan naar Kinshasa en Kikwit), en wil haar verdere interventies afstemmen op hun behoeften. Sinds december 2003 zijn er ongeveer 25.000 illegale Congolese diamantmijnwerkers uit Angola gezet, en elke dag steken meer mensen de grens over. De meesten moeten het land verlaten zonder have en goed, en krijgen onderweg af te rekenen met geweld en plunderingen. Gezien de extreme armoede in de streek heeft de plaatselijke bevolking hoegenaamd niet de middelen om de terugkerende vluchtelingen op te vangen. Vandaar dat die het in bijzonder benarde omstandigheden moeten zien te rooien en nauwelijks enige bijstand krijgen. Ze zijn uitgeput na hun reis en hebben nood aan voedsel, onderdak en geneesmiddelen. De enkele bestaande gezondheidsstructuren zijn slecht uitgerust, waardoor ze niet eens de meest voorkomende ziekten kunnen bestrijden, zoals malariakoorts. Tot nog toe zijn er verschillende doden gemeld; enkele mensen verdronken toen ze de rivier overstaken aan de grens, anderen kwamen om door een gebrek aan medische zorg. De meeste teruggekeerde mijnwerkers zijn afkomstig uit de provincies Malange en Lunda Norte in Angola, waar de regering een strafcampagne is begonnen om de diamantmijnindustrie op te ruimen. De Angolese autoriteiten hebben minstens 60.000 mensen bevel gegeven om het land te verlaten. Er zijn tot dusver twee uitwijzingsfasen geweest waarbij Angolese soldaten en burgers zich schuldig hebben gemaakt aan gewelddaden. Zo is er melding gemaakt van mishandelingen en doodsbedreigingen. De Angolese regering heeft die incidenten toegegeven. Onlangs werd een derde fase aangekondigd waarbij 18.000 mensen het land zullen worden uitgezet. AZG zal ter plaatse blijven, om te waarborgen dat de teruggekeerde vluchtelingen tijdens deze mogelijke derde uitzettingsfase betere opvang krijgen aan de Congolese kant van de grens. Het feit dat er permanent een medisch noodteam paraat staat aan de grenspunten, garandeert een betere medische screening en een betere toegang tot gezondheidszorg. Bovendien krijgt AZG op die manier een beter beeld van de belangrijkste ziekten, de voedselsituatie, het aantal teruggekeerde vluchtelingen, hun toestand enz.

AZG roept ook andere actoren - zoals Unicef, OCHA, Unhcr en het Wereldvoedselprogramma (WFP) - op om te interveniëren, om de teruggekeerde vluchtelingen extra onderdak, bescherming, voedsel en medische hulp te geven.