Praktische informatie
Praktische informatie
Artsen Zonder Grenzen waarschuwt dat drie jaar Israëlisch militair offensief, massale ontheemding en verwoesting de mentale gezondheid van kinderen in Gaza ernstig hebben aangetast.
De rij voor voedsel, de regen die door de tent naar binnen stroomt, de tank die gebouwen met de grond gelijk maakt, de alomtegenwoordige drones of de vriendjes met wie ze vroeger speelden. Dina, Rahaf, Motassem en enkele andere kinderen uit Gaza leggen zachtjes uit wat hun tekeningen betekenen, maar de verhalen die ze vertellen zijn allesbehalve zacht. De tekeningen zijn gemaakt tijdens psychosociale groepssessies van Artsen Zonder Grenzen (AZG) en vertellen wat deze kinderen zien en voelen: herinneringen aan een kindertijd die wordt bepaald door angst en geweld.
Drie jaar van een bruut Israëlisch militair offensief heeft een verwoestende tol geëist van de mentale gezondheid van de jongere generatie Gazanen. Velen hebben familieleden, huizen, scholen en vrienden verloren, terwijl herhaalde ontheemding en rampzalige leefomstandigheden de plekken hebben weggenomen waar kinderen zich kind zouden moeten kunnen voelen en zonder angst kunnen spelen.
“Overal in Gaza zien we overweldigende niveaus van verdriet, angst, slaapstoornissen en psychische nood, zowel bij volwassenen als bij kinderen”, zegt Franz Luef, AZG-missiehoofd voor Palestina. “Deze klachten worden nog erger doordat de crisis in een minder zichtbare fase is beland, waarin Israël systematisch de voorwaarden afbreekt die Palestijnen nodig hebben om te overleven.”
Volgens de WHO is het aantal mensen in Gaza dat dringend mentale gezondheidszorg en psychosociale steun nodig heeft sinds vóór het conflict meer dan verdubbeld, van ongeveer 485.000 tot meer dan een miljoen mensen. Mentale gezondheidszorg is een cruciaal onderdeel van het werk van AZG geworden: de teams bieden individuele consultaties, psychosociale en psycho-educatieve groepsactiviteiten voor volwassenen, en recreatieve activiteiten voor kinderen en jongeren, die bijzonder kwetsbaar zijn.
Voor de kinderen die oud genoeg waren om zich het leven van vóór de Israëlische genocide te herinneren, is er bijna niets meer over van de wereld die ze kenden. De plekken waar ze opgroeiden zijn verwoest. De basiselementen die een kindertijd horen te bepalen, zoals zich veilig voelen, met vriendjes spelen, naar school gaan en tijd doorbrengen met familie, zijn hun ontnomen en vervangen door herinneringen aan geweld, de constante dreiging van nieuwe aanvallen en het beeld van verwoesting. Water halen, in de rij staan voor eten of hun gezin helpen overleven maken nu deel uit van hun dagelijkse taken. Voor jongere kinderen zijn de gevolgen anders: sommigen hebben nooit iets anders gekend dan ontheemding en het geluid van luchtaanvallen.
“Kinderen die tijdens de oorlog zijn opgegroeid en nu drie of vier jaar oud zijn, begrijpen veel fundamentele begrippen niet”, legt Mahmoud Al-Balbisi uit, counselor mentale gezondheid bij AZG. “Veel van hen weten niet wat ‘thuis’ betekent. De tent is hun thuis geworden, omdat ze nooit in een huis hebben gewoond.”
Kinderen zijn ook gaan nabootsen wat ze om zich heen zien, in hun spel en hun tekeningen. In plaats van spelletjes die bij een gewone kindertijd horen, zien de begeleiders kinderen die hulpdistributies naspelen, aanvallen beschrijven of spelen tussen het puin van verwoeste gebouwen.
Dina, een meisje van negen, herinnert zich dat ze met haar gezin haar huis moest verlaten en haar gewonde vader in een rolstoel duwde, nadat zijn voet was overreden door een vrachtwagen toen hij hulpgoederen ophaalde. Dina verlangt naar iets eenvoudigs: “Dat we teruggaan naar hoe het vroeger was. Mijn oma en opa.”
Rahaf, een meisje van elf, zegt: “Soms sta ik bij het raam en zie ik de tanks vuren. Dan zeg ik tegen mijn mama: ‘Kom naar binnen, want de tanks vuren en schieten granaten af.’ Ik ben bang voor mijn familie, dus zeg ik dat ze naar binnen moet komen. Mijn nichtje is gedood. Ik kan haar niet vergeten. Ik speelde altijd met haar.”
Ondanks hun veerkracht zijn de gevolgen van langdurig geweld bij kinderen zichtbaar in hun dagelijks gedrag. Begeleiders melden toenemende angst, schreeuwen, agressief gedrag, nagelbijten en ongewild urineverlies bij kinderen.
In de Zaytoun-kliniek van AZG in Gaza-Stad bieden begeleiders psychosociale steun aan kinderen via muziek, spelletjes, verhalen en tekenen, zodat ze een plek hebben om zich uit te drukken. In vervolgsessies helpen de begeleiders kinderen weer contact te maken met wie ze waren vóór de oorlog en hun emoties te begrijpen.
“We proberen de kinderen eraan te herinneren dat ze mensen zijn en dat ze kinderen zijn”, zegt Al-Balbisi.
Activiteiten zoals “Mijn lichaam is mijn koninkrijk” helpen hen hun recht op veiligheid en lichamelijke bescherming te herkennen, in een omgeving waarin kinderen steeds vaker aan gevaar worden blootgesteld.
“Na drie jaar geweld, mensonterende leefomstandigheden en verlies dragen kinderen niet zomaar herinneringen aan de oorlog met zich mee; hun ervaringen hebben veranderd hoe ze veiligheid en kindertijd zelf begrijpen”, zegt Luef. “Er is nog steeds geen veiligheid voor kinderen in Gaza. Bombardementen kunnen op elk moment plaatsvinden en ze blijven in voortdurende angst leven, zonder kans om te herstellen van of te ontsnappen aan wat ze al hebben meegemaakt. De behoefte aan mentale gezondheidszorg in Gaza is enorm, maar de diensten en de ruimtes waar kinderen kunnen herstellen, blijven ernstig beperkt, na de systematische vernietiging van het gezondheidssysteem door de Israëlische strijdkrachten.”
Tussen eind 2023 en september 2026 verleenden AZG-teams meer dan 132.000 individuele consulten mentale gezondheidszorg en ondersteunden ze meer dan 246.000 mensen via groepsactiviteiten.