Gedurende acht maanden onderzochten 16 onderzoekers 59 meldingen waarbij personen betrokken waren die werkzaam waren binnen of verbonden waren aan door AZG ondersteunde activiteiten, waaronder medewerkers, dagarbeiders en leveranciers. De meeste meldingen hadden betrekking op seksuele uitbuiting, misbruik en intimidatie.
Zoals bredere maatschappelijke ongelijkheden en machtsonevenwichten, in het bijzonder op het vlak van gender, weerspiegelen ook deze bevindingen dat slachtoffers van misbruik, en vooral van seksueel misbruik, voornamelijk vrouwen waren. Alle daders die tijdens het onderzoek werden geïdentificeerd, waren mannen.
Onze onderzoeken toonden aan dat misbruik en grensoverschrijdend gedrag vaak plaatsvonden in situaties waar belangrijke machtsonevenwichten bestonden, onder meer tussen mensen met gezag of macht en mensen met minder macht, en tussen humanitaire hulpverleners en de mensen die zij geacht worden te helpen.
Elke melding werd zorgvuldig onderzocht. Sommige beschuldigingen konden worden bevestigd, terwijl andere niet volledig konden worden geverifieerd. Dat was onder meer het geval wanneer slachtoffers of vermeende daders niet konden worden geïdentificeerd of teruggevonden nadat zij zich hadden verplaatst binnen of buiten de uitgestrekte vluchtelingenkampen in Oost-Tsjaad.
Slechts een beperkt aantal slachtoffers kon worden geïdentificeerd. Waar dit mogelijk was, werd systematisch medische en psychologische ondersteuning aangeboden. Bezorgdheid over vertrouwelijkheid, veroordeling door anderen of mogelijke represailles beïnvloedde echter of mensen zich veilig genoeg voelden om van deze diensten gebruik te maken.
Wanneer daders konden worden geïdentificeerd en ernstig wangedrag werd vastgesteld, werden sancties opgelegd. Achttien medewerkers werden ontslagen en permanent uitgesloten van tewerkstelling binnen AZG. Op basis van onze onderzoeken beëindigden wij ook een contract met een dienstverlener.
Naast individuele gevallen brachten onze onderzoeken belangrijke tekortkomingen aan het licht in de manier waarop bestaande beschermingsmaatregelen binnen onze programma's werden toegepast.
Tijdens een periode van snelle operationele uitbreiding zorgden lokale aanwervings-, introductie- en begeleidingspraktijken er niet altijd voor dat alle collega's de gedragsverplichtingen van AZG begrepen en naleefden. Risicobeoordelingen op het gebied van safeguarding, die helpen om het risico op misbruik te beperken, werden niet systematisch uitgevoerd. Veel patiënten, collega's en leden van de gemeenschap wisten bovendien niet hoe zij misbruik veilig en vertrouwelijk konden melden.
De humanitaire context vergrootte de risico's nog verder. Conflict, ontheemding, armoede en afhankelijkheid van humanitaire hulp creëerden aanzienlijke machtsonevenwichten. Hoewel wij deze omstandigheden niet kunnen vermijden, kunnen en moeten wij in dergelijke noodsituaties nog meer aandacht besteden aan het voorkomen en aanpakken van misbruik.