Diagnose en behandeling
Een aidsbehandeling omvat een cocktail van drie soorten geneesmiddelen (vandaar de naam tritherapie): antiretrovirale geneesmiddelen. Die moeten elke dag op hetzelfde tijdstip ingenomen worden, en dat levenslang. Als de patiënt stopt met zijn geneesmiddelen of ze niet regelmatig inneemt, begint het virus zich opnieuw te ontwikkelen.
Eén van de belangrijkste uitdagingen waarmee AZG al jarenlang te maken krijgt, is HIV/aids bij kinderen. Tot voor kort waren er immers weinig aangepaste diagnostische en therapeutische hulpmiddelen voor kinderen. Vandaag zijn wereldwijd ongeveer 2,3 miljoen kinderen besmet met het aidsvirus; 87 % van hen leeft in Subsaharaans Afrika. De overgrote meerderheid van die kinderen heeft geen toegang tot zorg of behandeling. Vandaar dat de helft van alle besmette baby's nog vóór hun tweede verjaardag overlijdt. Toch is het bewezen dat kinderen goed reageren op de verschillende behandelingen, althans wanneer ze een aangepaste diagnose en behandeling krijgen. Onze projecten kunnen slechts sinds heel kort beschikken over pediatrische combinaties met vaste dosis (FDC). AZG heeft dan ook de ambitie om steeds meer kinderen in haar diverse projecten te behandelen.
Toch kan besmetting vóór de geboorte vermeden worden. In negen op de tien gevallen gaat het immers om moeder-kindbesmetting, tijdens de zwangerschap, de bevalling of het geven van borstvoeding. In het Westen kan die besmettingswijze gemakkelijk vermeden worden door ARV's aan de moeder te geven tijdens de zwangerschap, aan de baby vlak na de geboorte, en door geen borstvoeding te geven. In de arme landen blijven die maatregelen echter vaak bij mooie woorden. De meeste vrouwen krijgen immers geen diagnose en weten dus niet dat ze seropositief zijn. Bovendien hebben slechts weinig vrouwen toegang tot prenatale zorg, omdat ze niet weten dat die bestaat of omdat die zorg niet gratis is of ze zich er te ver moeten voor verplaatsen. Op de koop toe bevallen de meeste vrouwen, zoals de traditie dat voorschrijft, thuis. Om dezelfde redenen hebben ze evenmin toegang tot ARV's, noch voor zichzelf noch voor hun kind.
Intro
© Julie Rémy
Terwijl het aidsvirus in de geïndustrialiseerde landen steeds meer beschouwd wordt als een "beheersbare" ziekte, is de situatie in de armste landen bijzonder verontrustend. De recentste cijfers zijn zelfs alarmerend. Vandaag zijn wereldwijd meer dan 40 miljoen mensen besmet met het aidsvirus. Daarvan hebben er 5 tot 6 miljoen dringend behandeling nodig, maar krijgen er slechts 1,3 miljoen daadwerkelijk geneesmiddelen. Artsen Zonder Grenzen (AZG) biedt aan ongeveer 80.000 personen antiretrovirale therapie(of ARV's, ook aidsremmers genoemd) aan in het kader van 65 projecten in 30 landen, en volgt ook heel wat patiënten op die nog geen ARV's nodig hebben. Ondanks het succes van onze programma's blijven er echter nog enorme uitdagingen die dringend actie van de overheden vereisen. Zo levert AZG dag in dag uit strijd om de operationele hinderpalen van HIV- en aidsbehandeling in kansarme omgevingen te overwinnen.
De ziekte
HIV (Humaan ImmunodeficiëntieVirus) is het virus dat aids veroorzaakt (Acquired ImmunoDeficiency Syndrome) en het immuunsysteem aantast. Een seropositieve persoon kan jaren met het virus leven zonder de ziekte te krijgen, maar verliest geleidelijk wel zijn weerstand tegen bepaalde ziekten. Die worden "opportunistische" infecties genoemd omdat ze zich ontwikkelen wanneer het afweersysteem verzwakt is. De patiënt krijgt dan aids en moet met een behandeling starten.
De eisen van AZG
AZG doet een oproep aan:
De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) en Unicef om een duidelijke strategie te ontwikkelen die ervoor moet zorgen dat meer kinderen aidsremmers (antiretrovirale therapie) krijgen:
- Prioriteit geven aan een aidsbehandeling voor kinderen en landen ondersteunen om de doelstellingen te halen inzake toegang tot zorg voor kinderen.
- Een realistische doelstelling vastleggen voor het verminderen van kindersterfte door aids
- Ervoor zorgen dat de behandelingsrichtlijnen voor kinderen eenvoudig zijn en duidelijke aanbevelingen bevatten voor de fabrikanten (voor formuleringen en doseringen).
- Ervoor zorgen dat het prequalificatieproces van de WHO voorrang geeft aan de evaluatie van deze hoogstnodige producten.
- Proactief te werk gaan om onderzoek en ontwikkeling die dringend nodig zijn aan te moedigen ten bate van deze verwaarloosde groep patiënten.
- Farmaceutische bedrijven oproepen om van al hun producten ook kinderformules te ontwikkelen.
- De evaluatie van nieuwe diagnosemiddelen in de praktijk helpen vergemakkelijken, zodat ze zo snel mogelijk beschikbaar worden.
- Samenwerken met ontwikkelaars van nieuwe vaste dosiscombinaties, zodat ze snel goedgekeurd worden door de WHO en de kinderen bereiken die er nood aan hebben.
- Extra ondersteuning bieden aan de nationale laboratoria, om hun kwaliteitscontrole en leveringscapaciteit te verbeteren.
Farmaceutische bedrijven om kinderen makkelijker toegang te geven tot aidsremmers
- De dossiers inzake geneesmiddelen zo snel mogelijk indienen bij het voorafgaande prequalificatieproject van de WHO.
- Zich ertoe verbinden om pediatrische versies te ontwikkelen van al hun aidsremmers voor volwassenen, en ze te leveren tegen de laagst mogelijke prijzen.
- Pediatrische vaste dosiscombinaties ontwikkelen om de toediening van geneesmiddelen te vergemakkelijken en de behandelingstrouw te bevorderen.
- Sneller betaalbare diagnose-instrumenten ontwikkelen voor kinderen in de meest afgelegen gebieden.
Nationale programma's en internationale donoren om
- Onmiddellijk de invoering van technologie voor het testen van droog bloed te promoten, om stalen te vervoeren naar de nationale laboratoria die ze op de juiste manier kunnen verwerken.
- Aidsbehandeling voor kinderen op te nemen in de nationale plannen, door doelstellingen vast te leggen, de behoeften te bepalen en bevoorradingslijnen voor aidsremmers voor kinderen te ontwikkelen
- De nationale behandelingsrichtlijnen voor kinderen ter beschikking te stellen van gezondheidswerkers en hen de geschikte opleiding te bieden.
Operationele uitdagingen
Toegang tot buurtzorg voor patiënten
"Als er alleen maar behandeling beschikbaar is in steden en ziekenhuizen, zijn de meest kwetsbaren daar het slachtoffer van." Dr. Moses Massaquoi, medisch coördinator, Thyolo, Malawi
Decentralisatie en vereenvoudiging van de behandeling: dat zijn de twee strategieën die gehanteerd worden om toegang tot zorg te waarborgen voor patiënten in landen die zwaar getroffen worden door HIV. Om toegang tot diagnose, zorg en behandeling te garanderen in plattelandsgebieden, is het belangrijk om die diensten op alle niveaus aan te bieden. Vandaar dat AZG in steeds meer omgevingen de capaciteiten van de gezondheidscentra verhoogt, zodat de patiënten er behandeld en opgevolgd kunnen worden. Dat vereist voldoende en geschoold medisch personeel, wat een belangrijk probleem stelt.
Gebrek aan gezondheidspersoneel
"Verpleegkundigen zijn dé basisactoren om ervoor te zorgen dat seropositieven zelfs in de meest afgelegen ziekenhuizen een levensverlengende behandeling krijgen. Nu steeds meer verpleegkundigen uitwijken naar aantrekkelijkere landen, kunnen we ons echter de vraag stellen wie de duizenden behoeftige patiënten gaat verzorgen." Dr. Prinitha Pillay, medisch coördinatrice, AZG, Lesotho.
Dit tekort is een groot obstakel om meer patiënten te kunnen behandelen, vooral in plattelandsgebieden. Daar zijn verschillende verklaringen voor. Uiteraard is er de braindrain, waarbij geschoold personeel uitwijkt naar landen met hogere lonen en een betere levenskwaliteit (het fameuze "greener pasture"-principe). Toch is het tekort ook te wijten aan de sterfte bij het medisch personeel of aan absenteïsme door ziekte of rouw, vaak ten gevolge van HIV in die landen met een hoge prevalentie. Bovendien raakt het personeel gedemotiveerd door het isolement, de moeilijke werkomstandigheden, de hoge werklast, de lage lonen en het gebrek aan ondersteuning.
Co-infectie tuberculose – HIV/aids
"Het is onaanvaardbaar dat miljoenen mensen sterven aan tuberculose, gewoon omdat we de ziekte niet kunnen diagnosticeren. We hebben een eenvoudig en doeltreffend diagnosehulpmiddel nodig om tuberculose bij seropositieve patiënten op te sporen." Dr. Martha Bedelu, AZG, Lusikisiki, Zuid-Afrika
Tuberculose (tb) is de belangrijkste doodsoorzaak bij HIV- en aidspatiënten: bijna één derde van de 40 miljoen besmette personen heeft ook tb. Het is dan ook absoluut noodzakelijk om beide ziekten te bestrijden, want zonder de juiste tuberculose-behandeling stijgt het sterfterisico nog.
Bovendien zijn de opsporingshulpmiddelen ondoeltreffend en kan slechts een deel van de gevallen gediagnosticeerd worden via slijmonderzoek. Als de ziekte echter niet tijdig ontdekt wordt, ontwikkelt ze zich snel en is ze dodelijk. Gelijktijdig gebruik van tubreculose- en aidsgeneesmiddelen kan trouwens toxisch zijn of de doeltreffendheid van de behandeling verminderen. Vandaar de nood aan nieuwe tuberculose-geneesmiddelen die combineerbaar zijn met ARV's.
Toxiciteit en resistentie
Sommige geneesmiddelen zijn op korte of lange termijn toxisch (bijwerkingen), wat de therapietrouw kan verminderen. De bijwerkingen zijn immers soms zeer zwaar, en aidsremmers zijn pas doeltreffend als de patiënt ze elke dag op precieze tijdstippen inneemt, en dat levenslang.
Bovendien neemt de resistentie voortdurend toe. Het HIV-virus wordt op termijn namelijk resistent tegen geneesmiddelen. In arme landen is het echter uiterst moeilijk om resistentie tegen bepaalde bestanddelen op te sporen. Desondanks wordt er weinig geïnvesteerd in instrumenten die aangepast zijn aan de specifieke omstandigheden van de arme landen. Op lange termijn zal het succes van de strijd tegen HIV/aids afhangen van de toegang tot combinaties van eerstelijnsgeneesmiddelen met minder bijwerkingen en tot eenvoudigere hulpmiddelen voor virologische follow-up die nauwkeurig de therapeutische mislukkingen kunnen opsporen en het ideale tijdstip kunnen bepalen om over te schakelen op tweedelijnsmiddelen.
Een zware financiële last voor de patiënt
Gratis zorg is essentieel voor toegang tot aidsgeneesmiddelen en voor een goede therapietrouw. Betaalde zorg heeft immers heel wat nefaste gevolgen: onderbreking van de behandeling, het delen van ARV's met andere patiënten, hoger risico op afhaken, … Toch wordt in de meeste landen een financiële bijdrage gevraagd aan de patiënten. Hen daartoe dwingen, kan echter het succes van de behandeling in de weg staan, aangezien de sowieso al verarmde bevolking over onvoldoende financiële middelen beschikt. Vandaar dat AZG zelf de behandeling en de follow-up van HIV- en aidspatiënten bekostigt in haar projecten.