U bevindt zich hier:
Hallo allemaal,
Zoals jullie weten was vandaag, 30 juli, de dag waarop in Congo de eerste vrije verkiezingen sinds 40 jaar plaatsvonden. Hier in Mitwaba bleef het kalm maar we "voelden" wel dat de lokale bevolking wat opgewondener was dan normaal. Alle lokale bewoners hadden "hun mooie kleren" aangetrokken, net zoals elke zondag, maar deze keer ging het echt om feestkleding (waar het vandaan kwam weet ik trouwens echt niet: hun huisjes zijn minuscuul, je ziet haast geen kasten,... maar toch lopen ze ineens in een kostuum rond en sommigen hebben zelfs leren schoenen aan!?)
Met ons team van vijf meisjes van Mitwaba en onze twee collega's uit Sampwe – Elke en Gilles brachten het weekend bij ons door – grepen we de situatie aan om onze "maandelijkse projectvergadering" te houden.
Het is sinds enkele dagen duidelijk dat veel ontheemden uit de kampen wegtrekken. Zij keren naar hun dorpen terug om te proberen hun boerenbestaan te hervatten, hun vernielde huizen weer op te bouwen… in de hoop dat het deze keer rustig blijft.
Plotseling voelen we in het gezondheidscentrum een duidelijke vermindering van het werk: de 30 ziekenhuisbedden die tot het vorige weekeinde nog voortdurend bezet waren geweest, met een razendsnelle opeenvolging van opnames en ontslagen, waren nu nog maar halfvol! Een reden voor tevredenheid natuurlijk als het een teken is van "goede gezondheid". Maar niettemin duikt de vraag op hoe we het project nu moeten aanpassen: gaan we de terugkerende ontheemden naar hun dorpen "volgen" om hen daar met mobiele teams medische verzorging te bieden? Dat is één optie, maar we hebben dan wel een aantal logistieke problemen, en het grootste is dat er zelfs geen bruggen zijn waarover een terreinwagen kan rijden (alleen voetgangers en tweewielers komen erdoor).
Deze week voerden we per motorfiets twee verkennende missies uit (Ann-Sophie en haar team op de noordelijke as, Jessica en ik met ons team op de zuidelijke as) om zelf "te zien en te begrijpen" hoe het er aan toe gaat in de verschillende dorpjes die nog maar net opnieuw bewoond zijn. Na een lange weg door verlaten gebied, over een weg waarop enkele jaren geleden nog een auto kon rijden maar die nu volledig is overwoekerd (we rijden over het pad dat door de voetgangers is gevormd), komen we bij enkele vervallen huisjes aan.
We zien dat er mensen in deze krotten wonen; we stoppen en vragen naar het dorpshoofd. We halen onze lijst met standaardvragen tevoorschijn en terwijl we een plaatsje krijgen toegewezen op een boomstronk, staat binnen een mum van tijd het hele dorp om ons heen: een goede honderd ogen kijken ons aan, vol hoop dat we hen komen brengen wat ze zo hard nodig hebben: plastic zeilen (want zij bouwen hun huizen wel opnieuw op maar het stro waarmee ze normaal gesproken hun dak maken, is in dit seizoen niet langer bruikbaar en ze moeten zich toch echt stilletjes aan gaan voorbereiden op het regenseizoen), gereedschap en zaaigoed om hun velden te kunnen bewerken, een pan om in te koken… Dat zijn de eerste behoeften.
De rivier is een bron van water maar de putten zijn nog altijd niet in gebruik. De vodden en het vuil waarin ze zijn gehuld, lijken hen niet te deren: kleding en zeep blijken geen prioriteiten te zijn.
Een gezondheidspost zou natuurlijk welkom zijn! (voorlopig ontmoeten we echter alleen "gezonde" mensen in de dorpen, want de zieken zijn in Mitwaba achtergebleven om zich daar te laten verzorgen).
Volgende etappe: de coördinatie en harmonisering van het werk tussen de verschillende aanwezige organisaties. Een organisatie belooft de bruggen te zullen heropbouwen! Oef! Maar wanneer?
Dat was het voor dit weekeinde: naar mijn smaak zijn nog wat teveel vragen zonder antwoord gebleven, maar goed, afwachten maar! Wat mij betreft heb ik de tijd gehad om een paar opleidingssessies voor te bereiden en te verstrekken (correct gebruik van desinfecteermiddelen, verzorging van brandwonden, verbanden). De sfeer binnen het team van het referentiecentrum is goed, en hier in huis ook. We zijn nog altijd alleen met vrouwen. Gisteravond hebben we een leuk partijtje Uno gespeeld. Ik weet nog dat de kinderen daar dol op waren, maar ik kan me niet herinneren dat ij het ooit zelf heb gespeeld.
Goed, ik stop weer met deze mail voor dit weekend (ik ga Ann-Sophie helpen de maandelijkse inventaris van de apotheekvoorraad af te maken, want ja, dat is ook nodig!). Hartelijke groeten allemaal, fijne vakantie voor wie erop uit trekt of althans kan uitrusten, en goede moed voor wie blijft werken!! Tot de volgende keer!
EEN DIKKE KUS!!!!
Cathy